Hartje gaat op zoek.
In een kleine stad in het zuiden van het land woont Hartje. Hartje is best al een beetje oud, net als de stad, maar klopt nog als de beste op de deuren van de huizen om de goede wil en liefde voor alles en iedereen te verspreiden. Zo gaat het iedere dag een rondje lopen om genoeg beweging en frisse lucht te krijgen. Dat houdt Hartje sterk en gezond. Samen met Zieltje, de net zo oude vriendin, gaat Hartje vaak op pad om het hart op te halen aan alle goede, mooie en leuke dingen van het leven. Maar de laatste tijd is Hartje een beetje sip, wat zwaar op de hand. Uit balans zeg maar. Hartje is wat onrustig en dat hindert in het doen en laten.
Want zie, de afgelopen maanden is het allemaal weer een beetje minder gezellig in de stad. Er heeft een verandering plaatsgevonden, men noemt het een supervirus, waar Hartje niet goed de vinger op kan leggen en zelf ook maar weinig van weet. Het begon allemaal een jaar of twee geleden in het laatste stukje staart van de winter. De mensen hadden nog feest gevierd of waren op vakantie geweest in de sneeuw en kort daarna begon het gedonder. De één na de ander werd ziek, of zo leek het, gekke berichten bereikten vanuit de hele wereld het stadje van Hartje en de paniek sloeg om Hartje’s hart toe. De straten van de stad waren plotsklap doodstil en niemand die goed kon uitleggen wat er aan de hand was. De lokalen en zalen waar de mensen normaal gesproken naartoe gingen om hun energie level te verhogen, gingen dicht. Je hoorde geen gelach meer of gesprekken die gevoerd werden, je zag geen kinderen meer een ijsje op straat eten of zelfs maar naar school gaan. Alle winkels met hun kleurrijke etalages gingen dicht en Hartje liep verloren door de stad. En het was stil op straat. Hij kon nergens zijn liefde voor het leven tentoon spreiden, een lach en een traan vinden, het hart ophalen aan het leven. Alleen hier en daar wat bonnenschrijvers wanneer je de avondklok niet gehoorzaamde. Wat was er toch gebeurd? Waarom rende iedereen zo snel een andere kant op als ze een ander mens over straat zagen lopen? En waarom zag Hartje maar halve gezichten? Zo gingen er bijna twee jaar voorbij. Dan weer bloeiden de stad en de mensen een beetje op, hoorde je het gezellige geroezemoes van het leven en dan weer verstomde het geluid en herhaalde zich het hele verhaaltje, opnieuw.
Geleidelijk aan werd de sfeer grimmiger en de mensen lachten steeds minder. Hartje meende zelfs te merken dat er een boosheid over de burgers van het stadje heen sloop. Opstandigheid, ongehoorzaamheid, grillig, rellen, complottheorieën, ellenlange discussies over één en hetzelfde onderwerp, leiders die werden uitgescholden en bedreigd, onderzoekers die niet meer serieus werden genomen. Hele bevolkingsgroepen die super experts werden op het gebied vaneen virus. Zelfs vrienden en familie die altijd goed met elkaar konden vinden stonden plots lijnrecht tegenover elkaar. Om moe van te worden. Nee, gezellig is anders, dacht Hartje.
Hartje ging maar weer terug naar zijn kamers en begon langzaam te overpeinzen wat het toch over het hoofd had gezien? Hartje kan alleen maar aanvoelen. Leeft van de liefde in al zijn mooie en gekke vormen. Emoties bepalen het handelen, voor al het andere heeft Hartje de goede vriend Het Verstand en de beste vriendin Zieltje nodig. Maar Het Verstand zat hoog in het land en kon nu door de wirwar van alle gebeurtenissen rondom een supervirus niet meer bereikt worden. Men had Het Verstand hard nodig om tot een goede rede te komen. Net als hij bij Hartje deed, zorgde Het Verstand er altijd voor dat er bescherming was, een huis waarin je je veilig acht, waar niemand aan je komen. Ach, konden ze maar samen overleggen wat er aan de hand was. En Hartje had ook Zieltje nodig om de gevoelens mee te delen, niemand kon iets beter beschrijven als Zieltje, de vervolmaking en allesomvatting van ervaringen en het hele leven. Hartje moest dus alleen op zoek gaan naar antwoorden en dat viel het zwaar te moede. Het raakt er gefrustreerd van en dan gaat Hartje wild tekeer en klopt in het wilde weg om zich heen. Paniek en angst veroorzaken pijnlijke steken maar waren op dat moment wel het enige dat het nog kon voelen. Stille straten, stille cafés, uitgestorven pleinen, gesloten winkels, scholen, bioscopen, theaters en restaurants. Dat is toch geen gezicht! Gek genoeg werd hij wel onder de voet gelopen in het park en in het bos vlakbij de stad. Dat had hij nog nooit meegemaakt. Hij zag daar mensen lopen die hij normaal gesproken alleen maar op hun luie billen zag zitten. 'Merkwaardig maar positief', dacht Hartje, en het hartje ging er sneller van kloppen.
Hartje besloot om bij goede vriendin Zieltje op bezoek te gaan. Maar ze deed niet open. Waar kon ze nu toch zijn? Nu hij erover dacht: hij had Zieltje best al een tijdje niet meer gezien en gesproken. Ze was de laatste keer dat Hartje haar zag nog zo optimistisch over de situatie en ze had geprobeerd om Hartje een hart onder de riem te steken. Maar nu was ze weg en Hartje voelde zich eenzamer dan ooit. ‘Wat heeft het toch voor zin?’ dacht Hartje, ‘al die onzin?’. Het leven hoort leuk te zijn met af en toe een toef uitdaging. Maar de mensen maken het moeilijker dan nodig is. En niet alleen nu, maar altijd al. Kon het maar een manier vinden om het de mensen weer te verbinden. Hij verviel in zware overpeinzing en bedacht zich dat de mensen eerst eens moeten aanvaarden om met het leven te leren leven. Om negatieve gevoelens uit de gedachte te verjagen. Om lief voor elkaar te zijn en niet altijd egoïstisch te reageren. Maar het is moeilijk en vraagt een lange weg. En Hartje ging op zoek, op zoek naar antwoorden en op zoek naar het licht van Zieltje.
Reactie plaatsen
Reacties